Vorige pagina


Fiscale consolidatie in Belgiƫ: verliezen uitdelen zoals het u belieft?

4/07/2019

Trouwe lezers van deze nieuwsbrief kunnen het antwoord al raden: “Nee hoor, het klinkt veelbelovend, maar in de praktijk gaat het wel weer gepaard gaan met tal van regeltjes en voorwaarden, zodat minstens de helft van de lol eraf is.” En jawel, ook hier is dat het geval.

Eerst een beetje aanloop: het is niet echt leuk om in dezelfde groep een vennootschap te hebben die belastingen betaalt, terwijl een andere de verliezen opstapelt. Vroeger hadden we dan twee keuzes: ofwel dit lijdzaam ondergaan en er niet te veel aan denken om geen migraine te krijgen; ofwel proberen om op een of andere supercreatieve manier iets uit te vinden dat opbrengsten bij de ene (verlieslatende) vennootschap toverde die dan uiteraard kosten bij de andere werden… Vanaf dit jaar kunnen we echter het “fiscaal resultaat berekenen op groepsniveau”, zodat er in principe geen belastingen moeten betaald worden wanneer er nog verliezen in de groep aanwezig zijn.

En nu de praktijk: winsten kunnen enkel gecompenseerd worden met verliezen die tijdens datzelfde jaar opgelopen zijn. Dus een reservevat aan fiscale verliezen, kan niet leeggetapt worden…

Nog strenger: de vennootschappen die winsten onder elkaar herverdelen, moeten minstens 90% moeder-dochter zijn, of een gemeenschappelijke moedervennootschap hebben die minstens 90% in elk aanhoudt! Tja, dan verkleint de vijver waarin visjes zitten die hiervan zullen kunnen genieten natuurlijk nogal ferm. Die worden dan nog verder gedecimeerd omdat ze de voorwaarde moeten overleven dat die deelnemingsverhouding al minstens vijf jaar voor de winstverdeling moet bestaan… En om toch nog hier en daar er één finaal de nekslag te geven: vennootschappen die een woning ter beschikking stellen aan een bestuurder, mogen van dit fiscaal speelgoed ook niet genieten. Leuk, maar jammer genoeg voor de “happy few” dus…

Auteur: Jan Baert (28 juni 2019)