Vorige pagina


Wijziging huwelijksvermogensrecht: van wie zijn de aandelen van een vennootschap?

7/05/2019

Sinds 1 september 2018 is het gewijzigde huwelijksvermogensrecht van kracht. Welke nieuwigheden zijn voor u persoonlijk van belang? We beginnen in deze bijdrage met de echtgenoten die aandeelhouder zijn in een vennootschap.

Wanneer een echtgenoot gehuwd onder het wettelijk stelsel, zijn beroepsactiviteit uitoefent via een vennootschap, waarvan de aandelen aan hem eigen zijn, kon in het verleden de andere echtgenoot bepaalde inkomsten mislopen die normaliter tot de huwgemeenschap behoorden. De wetgever heeft met het nieuwe huwelijksvermogensrecht drie pijlers geponeerd die aan deze scheeftrekking binnen het gemeenschapsstelsel moeten tegemoetkomen.

  1. Onderscheid tussen “titre” en “finance” : er wordt een (meer uitgebreide) ontkoppeling gemaakt van enerzijds het titularis zijn (titre) van een goed en anderzijds de economische vermogenswaarde van dit goed (finance).

  2. Correcte beroepsallocatie: alle beroepsinkomsten verdiend tijdens het huwelijk komen toe aan de huwgemeenschap, waarbij onder beroepsinkomsten dient begrepen te worden: alle opbrengsten van beroepsactiviteiten(dus ook de vermogenswaarde van cliënteel, de ontvangen vergoedingen voor inkomstenverlies, opzegvergoedingen…).

  3. Neutraliteit van de beroepsuitoefening via vennootschap: er mag geen verschil zijn in huwelijksvermogensrechtelijke behandeling van een echtgenoot die zijn beroepsactiviteit uitoefent binnen een vennootschap en een echtgenoot die zijn beroepsactiviteiten uitoefent zonder vennootschap.

Aldus komt de wetgever tot de volgende oplossingen:

M.b.t. beroepsgoederen

Het recht (titre) op beroepsgoederen is eigen, maar de vermogenswaarde (finance) behoort tot de huwgemeenschap, op voorwaarde dat de beroepsgoederen voor minstens de helft betaald zijn met gemeenschappelijke gelden. Vanzelfsprekend is het recht slechts eigen wanneer het exclusief door één echtgenoot gebruikt voor de uitbating van zijn beroep of bedrijf.

M.b.t. cliënteel

Ook hier is het recht (titre) eigen, terwijl de vermogenswaarde (finance) gemeenschappelijk is.

M.b.t. aandelen

Hier dient een onderscheid gemaakt te worden tussen volgende situaties.

  • Aandelen betaald met gemeenschappelijke gelden (minstens voor de helft) en die in het aandelenregister zijn ingeschreven op naam van één echtgenoot: het (stem)recht is eigen en de vermogenswaarde is gemeenschappelijk;
  • Aandelen betaald met gemeenschappelijke gelden en die in het aandelenregister zijn ingeschreven op naam van beide echtgenoten: zijn volledig gemeenschappelijk (titre en finance);
  • Aandelen betaald met eigen gelden: zijn volledig eigen (titre en finance). Wel dient de opmerking gemaakt te worden dat voormelde regeling enkel van toepassing is voor aandelen waarvoor een vennootschapsrechtelijke of professionele reden geldt. Zijn aandelen verworven om een andere reden (bv. als belegging) en betaald met gemeenschapsgelden, dan betreft dit wel gemeenschappelijke goederen.

Als er toch nog een onbillijkheid zou spelen (bv. omdat een echtgenoot aandelen verwerft tijdens het huwelijk met eigen middelen zodat deze aandelen volledig eigen zijn), dan is er voortaan een vergoeding verschuldigd aan het gemeenschappelijk vermogen voor de netto-beroepsinkomsten die het gemeenschappelijk vermogen niet heeft ontvangen maar redelijkerwijze wel had kunnen ontvangen indien het beroep niet binnen een vennootschap was uitgeoefend.

De waardering van de vermogenswaarde van beroepsgoederen, cliënteel en aandelen, gebeurt op het ogenblik van de ontbinding van het huwelijksstelsel (en dus niet langer op het ogenblik van de verdeling).

Auteur: Cindy Dhondt (2 mei 2019)