Vorige pagina


Nieuwsbrief november 2014

1/11/2014

Paniek in ‘t kot

De politieke kiekens stuiven alle kanten uit en de pluimen vliegen in het rond: daar komt hommeles van! De dag is gekomen dat men zelfs op een familiefeest zal spreken over de taxshift, en dan weet je ’t wel.

 

Het lijkt erop dat wat CD&V niet binnenhaalde net voor de regeringsvorming, ze nu op een diefje probeert binnen te halen via de macht van de straat: een meerwaardebelasting op aandelen. Het zijn voorwaar spannende tijden: er circuleren geruchten over een vrijstelling indien de aandelen gedurende een voldoende lange termijn in bezit gehouden werden. We horen 10 jaar, we horen 3 jaar, we horen bepaalde minimale absolute bedragen, we horen van alles,… Zeker is niets, behalve de onzekerheid.

 

Als illustratie daarvan: Dhr. Anthonissen van de BBI lanceert een directe oproep naar Dhr. Marc Coucke: betaal maar belastingen op de verkoop van uwen Omega Pharma-boetiek, want geef maar toe manneken, da’s toch nikske dat ne normalen goede huisvader zou realiseren hé!

 

Mocht Van Rossem nog in de boekskes komen, hij zou zeggen: “t is toch godgeklaagd!”. Ten eerste is het een aanfluiting van deontologie om als ambtenaar individuele gevallen te gaan publiekelijk becommentariëren, ten tweede is het waanzinnig om deze transactie als belastbaar te gaan bestempelen: als dat inderdaad zomaar zou kunnen/moeten, waarover bakkeleien ze dan in de Wetstraat, waarvoor komen al die rode en groene omgekeerde vuilzakskes dan op straat? Dit is ronduit intimidatie en we voelen eigenlijk wel mee met diegene die de PB-aangifte volgend jaar zal moeten invullen van meneer Coucke: vult die het vakje wél of niet in, da’s de vraag van één miljoen, euh, excuseer, van zowat € 400 miljoen…

 

Ai ai ai, ’t begint al zeer te doen

Klein artikeltje in de vakpers, grote gevolgen: de tolerantie verdwijnt vanaf 1/1/2015 voor vennootschappen-bestuurders van andere vennootschappen met betrekking tot de BTW-onderworpenheid.

 

Het is inderdaad in België amper voor te stellen, maar vennootschappen-bestuurders mochten vrij kiezen of ze de door hen aangerekende bestuursbezoldigingen verhoogden met 21% BTW of liever buiten de toepassing van de BTW bleven.

 

Nu wordt deze tolerantie geschrapt onder druk van Europa: die wil de uitzonderingen op de BTW-onderhevigheid zo restrictief mogelijk zien. Uiteraard is er ook een voordeel aan de BTW-toepassing: de besturende vennootschap kan ook BTW aftrekken op inkomende facturen. Maar een stijging van de kost met meer dan een vijfde dreigt voor die vennootschappen die dergelijke vergoedingen aangerekend krijgen, maar zelf geen recht op aftrek hebben. Helemaal zielig wordt het dan als de vennootschap-bestuurder daarenboven zelf nog amper kosten met BTW heeft. Wat kort door de bocht: wie voordeel heeft van de BTW-toepassing, koos er al voor. Wie dat niet deed, had even gerekend en wist waarom. Die (niet te verwaarlozen) groep zal toch even opnieuw een blanco blad papier moeten voor zich leggen om even een en ander te hertekenen, vrezen we, of deze maatregel zal de taxshift toch al een deel in praktijk brengen…

 

Ceci n’est pas une woonbonus

De ‘pipe’ in bovenstaand citaat van Magritte hebben we vervangen door een Nederlands woord om u de volgende surrealistische grap duidelijk te maken: de fiscale behandeling van de eigen woning (dit is de woning die u zelf betrekt als eigenaar of vruchtgebruiker of opstalhouder of erfpachter of bezitter) werd gewestmaterie, en dus niet langer federaal-Belgisch, en daardoor kunnen de Waalse wetten van toepassing zijn op Vlaamse situaties. In Midden-Brabant zouden ze zeggen zwaanst na nie è, maar aanhoor het volgende:

  • Verhuist u naar Wallonië en had u een eigen woning in Vlaanderen, dan zal voor het jaar van verhuis, de Waalse regeling van toepassing zijn op uw Vlaamse woning en lening tot het moment van de verhuis. Ah ja, want welk gewest is bevoegd voor het regime van de eigen woning? Het gewest waar u op 1 januari van het aanslagjaar (dus het jaar volgend op het inkomstenjaar) uw fiscale woonplaats had. Welk gewest heeft het dan voor het zeggen over dat onroerend goed voor de rest van het jaar?

Da’s een makkie, horen we u denken: het Waals Gewest vaneigens! Niets van: gezien die woning niet langer uw ‘eigen woning’ is in de fiscale betekenis (u betrekt ze immers niet meer), is de federale wetgeving van toepassing!

  • Een Waal komt in Vlaanderen wonen na zijn feitelijke scheiding van een Waalse omdat ze niet meer lang, laat staan gelukkig, in Wallonië leefden. De man koopt hier een woning en gaat erin wonen. Beslist Vlaanderen omdat de man toch op 1 januari van het jaar erop in Vlaanderen woont? Bah neen: het jaar van feitelijke scheiding moeten partners nog gezamenlijk belast worden. Ja maar: de één woont in Vlaanderen, de andere in Wallonië, dus dat gaat niet! Oplossing: het gewest waar ze laatst als gezin woonden, zal heffingsbevoegdheid hebben. Et voilà, opnieuw oordeelt het Waalse Gewest over een Vlaamse kwestie want de nieuwe woning van de man zal de Waalse regels volgen. Voor de die-hard flaminganten onder u: laat zitten die vendels en blauwvoet-adrenaline, wissel gerust Waals en Vlaams in de uitleg hierboven en het verhaal klopt evenzeer, zulle… ;-)

 

Vervelend, maar in tijden van nakende taxshift-oprispingen wellicht niet onbegrijpbaar: een andere administratieve tolerantie wordt ook ten grave gedragen. Stel, u heeft eigenlijk een eigen woning, maar u kan die om beroepsredenen niet zelf betrekken. In overleg met de werkgever moet u bijvoorbeeld boven de bank wonen waar u filiaalhouder van bent, of u moet om bedrijfsredenen tijdelijk dicht bij de fabriek wonen, maar die ligt aan de andere kant van het land of dergelijke situaties meer. De fiscus gunde u dan de fiscale voordelen van de eigen woning, ook al verhuurde u die woning aan derden. Vanaf dit lopende jaar (!) is het uit met die pret: tenzij uw gezinsleden de woning betrekken, verliest u het fiscale voordeel van die woning. Doordenkertje: iemand die (blijkbaar dus) niet bij u woont, wanneer maakt die precies wel en niet deel uit van uw gezin…?

 

Ballonnetjes van de week

Als het van Minister van Justitie Geens afhangt, dan krijgen we een Financiële Politie. Die zou zich richten op complexe financiële criminaliteit. Waaw, dat belooft! Nu, niets tegen bestrijders van grove criminaliteit, integendeel: wie de spelregels niet volgt, neemt oneerlijke voorsprong op mensen die van bravere inborst zijn. Maar we hebben toch enige reserve: dezelfde minister (toen als Minister van Financiën in de vorige regering, Di Rupo) beweerde dat de ontsnappingsroute aan de 25%-taxatie op liquidatieboni (namelijk nu direct 10% belasting betalen op de reserves) de kapitaalbasis van de onderneming vergrootte en dus de financiële draagkracht. Wat een boerenbedrog was me dat zeg: zoiets voor waar durven de wereld insturen, da’s pas straffe financiële criminaliteit…

 

Federaal Minister van Economie Kris Peeters wil de Commissie voor Boekhoudkundige Normen boekhoudkundige rulings laten afleveren voor KMO’s. Dat zou toch zo gemakkelijk zijn, zegt hij, dat die bedrijven weten waar ze aan toe zijn.

Daar heeft de brave man 100% gelijk in. Maar het probleem is niet dat we boekhoudkundig niet weten waar we aan toe zijn: in grote lijnen weet een KMO wel wat er hoe en wanneer voor hoeveel geboekt moet worden. Het probleem is dat we fiscaal nogal eens voor verrassingen komen te staan. Maar, toegegeven, het staat wel goed, zo’n titel in de krant: “Kris Peeters geeft KMO’s toegang tot rulings”…

 

De strafste koek? De BBI valt een ruling aan die de Dienst Voorafgaande Beslissingen aan AB Inbev heeft gegeven. Nu lijkt wat er in de pers verschijnt van die ruling wel sappig, maar van twee dingen één: ofwel bestaat er een rulingmogelijkheid en dan moet de gehele administratie zich daaraan houden, ofwel bestaat er geen mogelijkheid om zich te wapenen tegen diverse interpretaties van dezelfde wet en weet je dat je in de fiscale Wild West woont. In het eerste geval moet de fiscus maar intern vooraf of desnoods achteraf de kwestie uitvechten, maar een gegeven ruling, trekt men niet meer in twijfel. Anders gaat het hele systeem maar beter op de schop… En hoeven ze echt geen boekhoudkundige rulings uit te vinden om ons te paaien.

 

Zo d’ouden wrochten,…

’t Is gebeurd: wat jarenlang verwacht werd maar niet ineens mocht toegestaan worden, heeft nu toch bestaansrecht gekregen. We hebben het over het onbeperkt bijverdienen van gepensioneerden van minstens 65 jaar. Vanaf 2015 geen minimale carrière-duur meer te bespeuren. De overheid redeneert vanaf  nu: u werkt: goed; u verdient: nog beter; maar uiteraard betaalt u ook belastingen en sociale bijdragen: de max! Dat u dan uw zuurverdiende pensioencentjes niet meer dreigt te moeten terugstorten, dat hebben ze er in Brussel dan wel voor over. Dus voor de Duracell-ondernemers: geef maar gazze…!


auteur: Jan Baert

De jaarrekening van uw vennootschap wordt meer geraadpleegd dan u wel zou denken

Als aandeelhouder of vennoot van een vennootschap hebt u minstens eenmaal per jaar het recht om de gedetailleerde financiële cijfers van de vennootschap te beoordelen en daar vragen over te stellen. Dat gebeurt traditioneel op de jaarvergadering der aandeelhouders. Als actief aandeelhouder zal u in de praktijk wellicht frequenter op de hoogte worden gehouden.

Voor externe partijen is dat in principe wettelijk niet mogelijk. Deze partijen, de fiscus en uw bankier even buiten beschouwing gelaten, kunnen dus over geen gedetailleerde cijfers beschikken. Maar derden hebben wel altijd het recht om de gepubliceerde jaarrekening van uw vennootschappen te raadplegen. En geloof ons; dat gebeurt veel vaker dan u wel zou denken …

 

Welke ondernemingen zijn verplicht om een jaarrekening neer te leggen?

 

De volgende ondernemingen moeten verplicht hun jaarrekening bij de balanscentrale van de Nationale Bank van België (NBB) neerleggen binnen de 30 dagen na goedkeuring:

 

  • de vennootschappen opgericht onder de vorm van
    • een naamloze vennootschap (NV)
    • een commanditaire vennootschap op aandelen (Comm. VA)
    • een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (BVBA)
    • een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (CVBA)
    • een economisch samenwerkingsverband (ESV)
  • de Europese economische samenwerkingsverbanden (EESV) die in België zijn ingeschreven
  • de Europese vennootschap naar Belgisch recht
  • de vennootschappen die zijn opgericht onder de vorm van
    • een vennootschap onder firma (V.O.F.)
    • een gewone commanditaire vennootschap (Comm.V)
    • een coöperatieve vennootschap met onbeperkte aansprakelijkheid (CVOA)
      indien zij onder hun onbeperkt aansprakelijke vennoten één of meer rechtspersonen tellen en tegelijk als een grote vennootschap worden beschouwd

 

Bovenstaande lijst is niet volledig, maar dit zijn de meest voorkomende in de praktijk.

 

Ook u kan de gepubliceerde jaarrekeningen consulteren

 

De jaarrekeningen die bij de balanscentrale worden neergelegd, zijn door iedereen gratis consulteerbaar. Dit kan door te surfen naar www.nbb.be, te kiezen voor balanscentrale en dan te klikken op Jaarrekening raadplegen.

 

U hoeft verder alleen het ondernemingsnummer of de naam in te tikken opdat u een blik kan werpen op de financiële toestand van de onderneming naar keuze.

 

Big Brother is watching you

 

Volgens gegevens van de NBB gebeuren er gemiddeld +/- 22.500 raadplegingen per dag via de  toepassing “Jaarrekeningen online raadplegen”. U moet weten dat er daarnaast nog gespecialiseerde (betalende) databanken bestaan waar u naast de gepubliceerde cijfers van de jaarrekening ook over een volledige financiële analyse kan beschikken. Bovendien beschikken banken, kredietverzekeringsmaatschappijen, … zelf over software waarmee zij ook deze gepubliceerde cijfers gemakkelijk kunnen raadplegen.

 

Vooral sinds de start in februari 2008 – het moment vanaf wanneer iedereen gratis de jaarrekeningen kan raadplegen op de website van de NBB – is het aantal raadplegingen exponentieel gestegen.

De hoedanigheid van de gebruikers is vrij gevarieerd. Uiteraard zijn het in eerste instantie leveranciers of kredietverstrekkers die u graag in de gaten houden. Maar ook werknemers, klanten en concurrenten nemen graag een kijkje.

 

Wek het nodige vertrouwen
 

Sommigen zijn van mening dat de gepubliceerde cijfers van de jaarrekening niet zoveel zeggen. Daar zit een zekere waarheid in omdat men pas met volledige kennis over de financiële toestand van een vennootschap kan oordelen wanneer men over een getailleerde balans en resultatenrekening beschikt. Maar uit een gepubliceerde jaarrekening valt voor een geoefend oog toch meer af te leiden dan u wel zou denken.

 

Vooral wanneer een vennootschap telkens haar boekjaar met verlies afsluit of de vennootschap een laag eigen vermogen heeft, wekt dit toch al enige argwaan. Ook een hoge schuldgraad (veel schulden in vergelijking met het eigen vermogen t.o.v. het balanstotaal) kan de vennootschap in een negatief daglicht zetten.

Wees maar zeker dat potentiële zakenrelaties op basis hiervan soms afhaken tenzij u hen de nodige waarborgen kunt verstrekken of voldoende overtuigingskracht hebt. 

 

Bekijk zeker zelf ook eens de jaarrekening indien u bv. wenst een bedrijfspand of woning te bouwen, machines aan te kopen, … U beschikt bij sommige leveranciers immers vaak over een zekere garantie- of aansprakelijkheidstermijn. Maar wat bent u daarmee als de onderneming kortelings daarna failliet wordt verklaard?

 

Voor sommige ondernemingen is het dus zeer belangrijk om bij de jaarafsluiting ook rekening te houden met de balansstructuur van de vennootschap. Weet dat men met “creatief boekhouden” sommige zaken anders kan voorstellen en dat zonder buiten de “lijntjes” (lees: het boekhoud- en jaarrekeningenrecht) te kleuren …

 

Auteur: Bart Vermoesen

 

Het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen: een interessante vorm van sparen voor uw oude dag

 

Dat het wettelijk pensioen van een zelfstandige vrij karig is, staat als een paal boven water. Het komt er dus op aan om zelf een extralegaal pensioenkapitaal op te gaan bouwen. Gelukkig moedigt de fiscus u daarbij aan.

Er bestaan verschillende manieren om een bijkomend pensioen op te bouwen voor zelfstandigen, maar de wellicht meest optimale mogelijkheid is het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ).

 

Professioneel bijsparen in de tweede pensioenpijler

 

Binnen de tweede pensioenpijler komen groepsverzekeringen en individuele pensioentoezeggingen steeds vaker voor. De terechte hoogvlieger in deze categorie is en blijft evenwel het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ).

 

Het VAPZ is eigenlijk een tak 21-levensverzekering waarvan de premies gebaseerd zijn op uw geïndexeerd netto beroepsinkomen van drie jaar terug. Die premies mogen maximaal 8,17% (9,40% voor een sociaal VAPZ) bedragen van dat netto beroepsinkomen (met in 2014 een absoluut maximum van € 3.027,09 bij een gewoon VAPZ en € 3.482,82 bij een sociaal VAPZ). Net zoals de sociale bijdragen zijn de premies VAPZ aftrekbare beroepskosten en leveren ze een besparing in de personenbelasting op tegen het hoogste belastingtarief. En net omdat deze premies aftrekbaar zijn als beroepskost, hebben ze ook rechtstreeks een invloed op de hoogte van uw sociale bijdragen.

 

We zien u al denken: “Ok, een positieve invloed op mijn belastbaar inkomen, maar brengt het ook nog iets op?” Jazeker! Meestal is er aan een VAPZ-contract een vaste basisrentevoet en een kapitaalgarantie gekoppeld. Bovenop die basisrente krijgt u meestal nog een winstdeelname (in zoverre de maatschappij winst maakt op de belegde producten). U kunt trouwens ook kiezen voor een basisrentevoet van 0%. Niet interessant? In dat geval krijgt u logischerwijze uiteraard geen rente op de gestorte premies maar geniet u wel van een merkelijk hogere winstdeelname met als gevolg dat het uiteindelijke rendement soms hoger uitvalt dan bij een klassiek VAPZ met een vaste basisrentevoet. De gestorte premies worden hoofdzakelijk belegd in obligaties, met daarnaast nog een klein deel in vastgoed en aandelen. Het gegarandeerd rendement dat u krijgt, verschilt uiteraard naargelang de belegging, maar zal in heel wat gevallen toch een pak hoger zijn dan het rendement op een gemiddeld spaarboekje!

 

Wat bij uitkering?

 

De volledige pensioenuitkering is onderworpen aan een RIZIV-bijdrage van 3,55%. Op de winstdeelname betaalt u verder geen belastingen. Er zijn wel solidariteitsbijdragen verschuldigd (tussen 0% en 2%, afhankelijk van de hoogte van het uitgekeerde kapitaal).

Het uitgekeerde pensioenkapitaal (na afhouding RIZIV-bijdrage en solidariteitsbijdrage) wordt vooralsnog jaarlijks belast onder de vorm van een fictieve omzettingsrente. De rente en de periode waarin het moet worden aangegeven, is afhankelijk van uw leeftijd bij uitkering (13 jaar bij uitkering van het pensioenkapitaal vóór uw 65ste en 10 jaar vanaf 65 jaar). Wacht u met uitkeren tot uw 65ste, dan wordt u bovendien slechts op 80% van de rente effectief belast. De belasting gebeurt weliswaar aan de progressieve belastingtarieven, maar vaak zal uw belastbaar inkomen op pensioengerechtigde leeftijd (waarbij u enkel een pensioen als zelfstandige hebt aan te geven) worden belast in de lagere belastingschijven. De effectieve belastingdruk blijft hierdoor dus vrij beperkt.

 

 

Zijn er dan geen nadelen aan het VAPZ?

 

Spijtig is dat u jaarlijks slechts een relatief klein bedrag onder deze vorm kan sparen. VAPZ brengt u geld op en doet u belastingen besparen, maar echt rijk zal u er nooit van worden… Een alternatieve, bijkomende pensioenopbouw is dus aan te raden. Als startende bijberoeper komt u ook niet in aanmerking om VAPZ-bijdragen te betalen. U kunt wel degelijk aan VAPZ doen als u in bijberoep zelfstandig bent, maar dan alleen wanneer u minstens de wettelijke minimumbijdrage aan sociale bijdragen als zelfstandige in hoofdberoep betaalt. Een startende zelfstandige in hoofdberoep kan wel al onmiddellijk starten met VAPZ. De bijdragen worden dan berekend op zijn voorlopige sociale bijdragen.

 

Tot slot nog dit:

Een VAPZ in combinatie met een IPT-verzekering kan zeker, al hoeft u daarbij wel rekening te houden met de zogenaamde 80%-regel. Vermeldenswaardig is ook dat er geen premietaks (4,4% bij een IPT) verschuldigd is.

 

Auteur: Tom Simoens

 

Webnieuws

Handige tools om alles zelf te berekenen voor de (her)financiering van uw woning

Met behulp van de website www.hoeveelkostmijnhuis.be kunt u voor verschillende looptijden en rentevoeten de aflossingstabel en het totaalbedrag van een lening op uw scherm toveren. Evengoed kunt u er het fiscale voordeel narekenen of uitrekenen in hoeverre u eventueel met een hypothecair mandaat kunt werken. Door de banken en sectorfederatie Febelfin wordt deze site betrouwbaar en accuraat genoemd.

Voor het opvragen van offertes voor een schuldsaldoverzekering kunt u beroep doen op www.spaargids.be.

Wenst u een goed beeld van de kosten van de registratierechten, de handlichting van de bestaande hypotheek, erelonen en andere aktekosten?
Maak dan een simulatie op www.notaris.be.